15 december 2015

Vijf vragen over voeding & ADHD

In 2011 zond EenVandaag het item ‘Relatie ADHD en voeding bewezen’ uit. Bij 60% van de kinderen die een eliminatiedieet volgden, verminderden of verdwenen de symptomen van ADHD. Medicijnen als Ritalin en Concerta zouden niet meer nodig zijn. [1] Vier jaar later worden kinderen nog steeds behandeld met medicijnen. Hoe kan dat? Vijf vragen over het onderzoek naar voeding & ADHD

1. Om welk onderzoek ging het destijds?

Het ging om het Impact of Nutrition in Children with ADHD (INCA) onderzoek [2], een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek naar de effecten van een beperkt eliminatiedieet op ADHD bij kinderen, uitgevoerd door wetenschapper Lily Pelsser en collega’s. Aan het onderzoek deden 100 kinderen mee in de leeftijd van 4 tot 8 jaar met de diagnose ADHD.

Het onderzoek bestond uit twee fases. In de eerste fase kreeg de interventiegroep het RED dieet voorgeschreven en de controlegroep een gezond dieet. In de tweede fase werden bij de kinderen die positief reageerden op het RED dieet willekeurig drie voedingsmiddelen toegevoegd aan het dieet.

2. Wat waren de resultaten?

60% van de kinderen in de interventiegroep reageerde positief op het dieet. Met positief wordt een afname van ADHD-symptomen van minimaal 40% bedoeld. Tijdens de voedselprovocaties in fase 2 kreeg 64% van de kinderen een terugval in ADHD-symptomen.

De auteurs van het INCA-onderzoek concludeerden dat het RED-dieet een waardevol instrument is om vast te stellen of ADHD veroorzaakt wordt door voeding. Daarnaast vonden de auteurs dat een voedselinterventie voor alle jonge kinderen met ADHD overwogen zou moet worden. De resultaten van het INCA-onderzoek werden op 5 februari 2011 gepubliceerd in het vooraanstaande medisch wetenschappelijk tijdschrift The Lancet. [3]

3. Dat is toch fantastisch nieuws? Waarom wordt het RED-dieet nog niet gebruikt bij de behandeling van ADHD?

Volgens het RIVM was de relatie tussen ADHD & voeding onvoldoende wetenschappelijk bewezen door tekortkomingen in het INCA-onderzoek. [4] De belangrijkste tekortkoming van de studie is dat het niet adequaat geblindeerd is uitgevoerd. Zowel ouders, leraren en onderzoekers wisten in welke groep het kind zat, waardoor een placebo effect niet uit te sluiten is. Daarnaast kreeg de interventiegroep een andere behandeling dan de controlegroep en was de studiepopulatie selectief. Uit het onderzoek kwam niet naar voren welke voedingsmiddelen de ADHD-symptomen verergerde.

4. Welke aanbevelingen doet RIVM voor vervolgonderzoek?

Vervolgonderzoek moet door een onafhankelijke onderzoeksgroep uitgevoerd worden. Het INCA-onderzoek werd destijds uitgevoerd door onderzoekers van het ADHD research centrum dat geld verdient aan RED-behandelingen. Tevens moet de studiepopulatie gebaseerd zijn op brede werving in plaats van vrijwillige aanmeldingen, deelnemers dienen op basis van toeval verdeeld te worden over de controle- en interventiegroep, waarbij deelnemers en onderzoekers zelf niet weten in welke groep ze zitten en het onderzoek dient gestandaardiseerd te zijn (hetzelfde aantal meetmomenten en dezelfde intensiteit van begeleiding).

5. Is er al gestart met een vervolgonderzoek?

Ja, op dit moment loopt het TRACE-onderzoek (Treating ADHD with Care as usual versus an Elimination diet) [5] naar de lange-termijn effectiviteit van het RED-dieet bij kinderen met ADHD vergeleken met een controledieet of de gebruikelijke behandeling met medicijnen en/of gedragstherapie. Alle deelnemers worden 1,5 jaar lang gevolgd en door middel van vragenlijsten en metingen wordt nauwkeurig bijgehouden hoe het met ze gaat, bij wie het dieet werkt, waarom en of het goed vol te houden is. Het onderzoek biedt meteen de mogelijkheid om de effectiviteit van de reguliere zorg in kaart te brengen. Het TRACE-onderzoek is een samenwerking tussen Radboud UMC, Karakter, Accare en Triversum. Het onderzoek wordt gefinancierd door ZonMw en het Innovatiefonds Zorgverzekeraars.

Bronnen

[1] http://www.eenvandaag.nl/index.php/gezondheid/37180/relatie_voeding_en_adhd_bewezen
[2] http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/21296237[3] http://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0140673611601335
[4] Voeding en ADHD. Eindrapportage en aanbevelingen voor vervolgonderzoek, RIVM briefrapport 350021003/2013 S.W. van den Berg | J.M.A. Boer | H. Verhagen
[5] http://www.project-trace.nl/images/pdf/deelnemersinformatie_ouders_aug2015_website1.pdf

Geschreven door:
Annelies Kietselaer

Categorie
Nieuws Psychologie Voeding

Delen:

Populair artikel: