5 april 2017

Aan de slag met trauma en stress

Wat zijn de psychische gevolgen van stress, gerelateerd aan levensloop en levensstijl? Welke signalen kunnen cliënten laten zien en merken, in gedrag en klachtenpatroon? Daar gaat de nascholing ‘Trauma en stress’ over. We vroegen docenten Ria van Rooijen en Diana Smit wat therapeuten allemaal kunnen verwachten van deze dag.

Hoe ziet de dag eruit?
Het is een afwisselende dag met zowel theorie als praktijk. We gaan interactief aan de slag met de thema’s. Studenten kunnen ter plekke vragen inbrengen die we met z’n allen gaan beantwoorden. Ook gaan we ervaringsoefeningen doen vanuit verschillende therapeutische invalshoeken.

Wat is het verschil tussen trauma en een posttraumatische stressstoornis?
Een trauma is een verwonding of beschadiging na een schokkende, levensbedreigende gebeurtenis of een ongeluk. Een trauma kan lichamelijk zijn, bijvoorbeeld een wond of botbreuk, maar ook psychisch. Een psychisch trauma kan ontstaan door bijvoorbeeld een overval, auto-ongeluk of echtscheiding, maar ook door een traumatische geboorte, onvoldoende gelegenheid tot hechting of respectloos behandeld te worden. Er kan extreme stress, intense angst, hulpeloosheid, wanhoop, herbeleving of verdringing ontstaan.

Als een of meerdere trauma’s niet goed verwerkt worden, de emotionele gevolgen van een trauma niet verdwijnen en veel last is van klachten kan er een posttraumatische stressstoornis (PTSS) ontstaan. Typische kenmerken van PTSS zijn onder andere verhoogde prikkelbaarheid, overdreven waakzaamheid, negatieve gedachten, nachtmerries en herbelevingen (flashbacks), vermijden, depressieve klachten en angst.

Kunnen jullie een voorbeeld geven van hoe je hechting en verbinding aangaat met een cliënt zonder aanraking?
Zoals Van Deth schrijft in het boek ‘Psychiatrie’: 30% van het therapieresultaat is toe te schrijven aan algemene factoren. De belangrijkste factor is de therapeutische relatie. De therapeutische relatie vraagt kwaliteiten van de hulpverlener; deze moet in staat zijn tot een psychologisch ‘intiem’ contact zodat cliënten emotioneel beladen en kwetsbare aspecten van hun leven durven blootgeven. Je hoeft de cliënt niet aan te raken om contact te maken en een hulpverlenersrelatie aan te gaan. Door een veilige hechtingsrelatie met je cliënt op te bouwen, kunnen veranderingen ontstaan bij de cliënt. Niet eens zozeer doordat de cliënt inzicht krijgt, maar als gevolg van de ervaring van contact met een veilige ander. Een manier om veiligheid te bieden, is het opvangen van negatieve emoties die de client niet zelf kan reguleren. Hiervoor moet je deze emoties wel zelf kunnen accepteren en verdragen en aanwezig kunnen blijven in het contact.

Wat wordt verstaan onder overdracht en tegenoverdracht en op welke manier komt dit terug tijdens deze dag?
Overdracht is het herhalen van een patroon in een belangrijke, maar verstoorde relatie uit het verleden, in een onbewuste poging deze relatie alsnog gezond te maken. De term

Tegenoverdracht wordt in meerdere betekenissen gebruikt:

  • de eigen overdracht van de therapeut op de patiënt. Deze overdracht hoeft niet per se veroorzaakt te zijn door overdracht van de patiënt, maar kan ook samenhangen met associaties die de patiënt oproept bij de therapeut.
  • de eigen onbewuste overdrachtsreactie van de therapeut op de overdracht van de patiënt. Deze overdracht is een reactie op de overdracht van de patiënt. Wanneer bijvoorbeeld de patiënt op de therapeut reageert zoals op zijn autoritaire vader, kan het gebeuren dat de therapeut onbewust de rol van autoritaire vader aanneemt.
  • de bewust gekozen, complementaire reactie van de therapeut op de overdracht van de patiënt. Bij deze tegenoverdracht maakt de therapeut gebruik van de overdracht van de patiënt. Dikwijls is overdracht voor de patiënt een onbewuste actie om zich te verzoenen met een problematische relatie uit het verleden. De therapeut kan door zijn houding en gedrag tegenover de patiënt bewust deze verzoening bevorderen.

Tijdens de nascholingsdag komen aspecten hiervan terug bij momenten van zelfreflectie en bij de bespreking van casuïstiek. Overdracht en tegenoverdracht kunnen mechanismen zijn die vrij onbewust gebeuren. Wij gaan ermee aan de slag dit bewuster te krijgen, zodat de therapeutische relatie effectiever kan worden.

Waarom is het belangrijk dat therapeuten deze nascholing volgen?
De therapeuten krijgen praktische handreikingen die ze zelf in de praktijk kunnen gebruiken. Ze kunnen met hun vragen bij twee verschillende professionals (zie site Con Amore voor een uitgebreide beschrijving van onze expertise) terecht en hier direct in de praktijk mee aan de slag. Door de verbredende blik die wij bieden, krijgen de therapeuten meer therapeutische handvatten ten aanzien van stressgerelateerde problematiek.

En tot slot, heb jullie zelf nog een handige tip voor onze therapeuten met betrekking tot trauma en stress?
Ria: Blijf spelen! Zorg op de eerste plaats goed voor jezelf, want alleen dan kan je ook goed voor je cliënten zorgen.

Diana: Huil en accepteer huilen, boosheid en verdriet, want zoals Alice Miller zegt: ‘Niet het trauma veroorzaakt de ziekte, maar de onbewuste, onderdrukte wanhoop, die ontstaat als iemand geen uitdrukking mag geven aan het lijden dat hij heeft ondergaan’. Veel huilen kan tot belangrijke psychologische verbeteringen leiden.

Klik op de oranje button voor meer informatie over de nascholing ‘Trauma en stress’. Indien je vragen hebt neem dan gerust telefonisch contact met ons op via (085 401 9368) of stuur een mail naar info@conamore.com

Geschreven door:
Con Amore

Categorie
nieuws Opleidingsnieuws Stress

Delen:

Populair artikel: