4 November 2016

Een positieve noot: de Nederlandse Spoorwegen

2016069 iStock_84029745_SMALL

Nederlanders klagen graag over de NS. Betrap jij jezelf er ook weleens op? Ik heb serieus nog nooit iemand horen zeggen; wat heb ik een heerlijke treinweek gehad zeg! Of; wat rijdt de NS toch goed op schema de laatste tijd! Of; wat fijn dat er 8 treinen per uur richting Amsterdam rijden!

Afgelopen zomer zat ik in de metro van Londen. Staand, zwetend, en schuddend werd ik met een moordend tempo en een afgrijselijk kabaal door de ondergrondse duisternis gesleurd. Ik keek vluchtig naar mijn medepassagiers; niemand deed iets anders dan het uitzitten van de rit, met ogen dicht en zweet op het voorhoofd. Alsof ze allemaal enorme katers aan het smoren waren. Pure kwelling. Ik dacht bij mezelf: mijn hemel, wat hebben wij het als forens in Nederland toch goed. Als ik thuis ben, ga ik de Nederlandse Spoorwegen een warm hart toedragen.   

Ik hou van lezen, schrijven, muziek luisteren, onderweg zijn, series kijken, dromen, vreemden afluisteren en slapen. Ik kijk graag naar de zonsopkomst, ochtenddauw in het weiland, mistflarden, dramatische luchten, spitste kerktorens in de verte, windmolens, trotse volkswijken, rauwe industrie en mensen die op de fiets de wind trotseren. Je begrijpt daarom wel dat de treinreis naar mijn werk (Utrecht àAmsterdam Sloterdijk) een van mijn favoriete momenten van de dag is.

Eerlijk is eerlijk, ik ben een ochtendmens, en dat scheelt een hoop. Ik doe niet aan snoezen en maak altijd tijd voor een gezond ontbijt. Als het weer het toelaat pak ik graag een momentje met de planten en de houtduiven op mijn dakterras. Samen, in stilte, vangen we de eerste stralen van de zon op. Voor mij is er geen betere manier om de dag te beginnen. Mijn versie van de zonnegroet.

Verder moet ik nog wat anders toegeven; ik hoef bijna nooit te staan in de trein. Deels omdat ik geluk heb met mijn traject, en deels omdat ik een slinkse methode bedacht heb die me altijd een stoel oplevert (wil je hier meer info over, laat me het weten!) Het verschil tussen zitten en staan in de trein is wat mij betreft het verschil tussen hemel en hel. Als ik iedere dag zou moeten staan dan had ik deze column niet geschreven.

“En als je dan uren vertraging hebt? Dan praat je toch wel anders?” vraagt de NS hater in mijn kennissenkring. Klopt, in het verleden kon vertraging mij zeer ongelukkig maken. Als ik uren later thuiskwam, baalde ik tot aan mijn slaap. Maar tijdens mijn wereldreis een aantal jaar geleden is er iets in mij veranderd; ik leerde onverwachte vervelende situaties beter te accepteren. Ik ging me beter voorbereiden, waardoor ik vervelende situaties wist om te buigen naar iets positiefs. Uren ergens wachten, zag ik als een kans om eens lekker te gaan lezen, schrijven of een film te gaan kijken.

Op dit moment zit ik in de trein en sta ik al langer dan een half uur stil op Amsterdam centraal. Over de intercom hoor ik een conducteur met een vriendelijke stem voor de vierde keer mededelen dat de machinist tot zijn grote spijt nog steeds niet gevonden is. Ik kijk op van mijn laptop en ik zie een coupe vol met ellendig lange gezichten.

Ik glimlach: stilletjes hoop ik dat de machinist nooit meer gevonden wordt.

Wil je op de hoogte blijven?

Schrijf je dan in voor onze maandelijkse nieuwsbrief en ontvang Albert Jansen’s boek “Ziek, beter, best” gratis als ebook.