Samen op weg naar een integrale gezondheidszorg

De psychologie achter overprikkeling door videobellen (7 tips)

12 mei 2020

Ontzettend moe zijn na een videogesprek. Herkenbaar? Er is meer aan de hand dan vermoeid raken door ‘te veel’. Videobellen belast ons brein op een manier waar we helemaal niet toe in staat zijn. Monique Hendriks, orthopedagoog en docente Psychosociale Basiskennis - legt uit waarom.

De afgelopen weken zijn veel mensen bekend geworden met online vergaderingen voor werk, online studeren, de digitale familiebezoekjes en ‘verplichte’ online borrel en/of de kinderen helpen met online leren. Dankzij het videobellen via Facetime, Zoom, Google Hangouts, GoToMeeting en andere diensten kunnen we onze sociale contacten onderhouden. We zitten thuis, maar doen nog steeds veel.

Je herkent het vast: ontzettend moe zijn na een videogesprek. Er is meer aan de hand dan vermoeid raken door ‘té veel’. Online videobellen belast ons brein op een manier waar we helemaal niet toe in staat zijn.

Zoom-fatigue

Je zal misschien de term ‘Zoom-fatigue’ of ‘Zoom-vermoeidheid’ op Social Media voorbij hebben zien komen. Een term die ik binnen de GGZ ineens overal hoor opduiken waarbij de nodige zorg wordt geuit. En niet voor niets, want de symptomen lijken verdacht veel op burn-out klachten en symptomen die we ook bij stressor-gerelateerde stoornissen tegenkomen. En als ik er goed over nadenk zou het me niets verbazen dat ook depressie- en angstklachten kunnen volgen uit de Zoom-fatigue. Het is bekend dat langdurige stress ook angst- en stemmingsklachten kan veroorzaken.


Hoe ontstaat de videobellen-vermoeidheid?

Om te begrijpen hoe vermoeidheid door videobellen ontstaat, moeten we meer weten over de sensorische informatieverwerking van het brein, de sociale basisbehoefte van de mens en iets van de psychosociale evolutietheorie. Als orthopedagoog en werkzaam op een klinische afdeling voor bewoners met autisme en bijkomende psychiatrische problemen ben ik voortdurend bezig met de vraag hoe informatie wordt verwerkt en hoe dat in de sociale interactie gebeurt.

Het gebrek wat sommige mensen met autisme hierin hebben, leert ons heel veel over de neuro-typische mens waarbij de sociale interactie moeiteloos lijkt te gaan. Ik spreek veelvuldig met cliënten over hoe emoties werken en welk doel ze hebben. Hoe deze emoties bij andere zichtbaar kunnen worden en hoe te achterhalen wat de oorzaak daarvan is.

Sociale dilemma’s en de ontelbare ongeschreven regels die er in de sociale interactie zijn worden besproken. En over nog eens ontelbare uitzonderingen die gemaakt worden in de sociale interactie, afhankelijk van de situatie, de persoonlijke principes en niet te vergeten de persoonlijke ervaringen die de interpretatie van de situatie kleuren. Ik leg uit…:

  • Hoe de zintuigelijke prikkels door het brein worden verwerkt als sociale informatie
  • Hoe de automatische reacties tot stand komen
  • Hoe dit effect heeft op ons hele dagelijkse functioneren als persoon binnen een sociaal systeem

Detailgerichte informatieverwerking

Ik houd daarbij rekening met hoe zintuigelijke prikkels door mensen met autisme worden verwerkt. Zij hebben meestal een enorme detailgerichtheid, waarbij ze moeite hebben met het creëren van overzicht over alle prikkels die binnen komen. Elke geluidstrilling, lichtgolf, kleur, geur, smaaksensatie wordt tegelijkertijd waargenomen, zonder dat er een filter bestaat om de informatie op belangrijkheid te scheiden. Alles komt binnen.

In een gesprek ziet de cliënt mijn hand bewegen, een wenkbrauw optrekken, de vogel langs vliegen. Hoort mijn stem, de auto voorbijrijden en de deur in het gebouw dichtslaan. Hij is zich bewust van de kleren aan zijn lijf, de bril op zijn neus, de warmte van de zon door het raam. Hij ruikt mijn lichaamsgeur en de radijsjes die ik een uur eerder heb gegeten. En alle informatie is even belangrijk. Want er is geen filter die bepaalt wat belangrijk is.

 

Informatie zonder filter

Ik leg vaak aan ouders uit hoe alle informatie in het autistische brein binnenkomt zonder dat deze gefilterd wordt, maar ook zonder dat deze wordt opgeruimd. De informatie wordt niet alleen waargenomen, maar ook onthouden. De trage informatieverwerking bij autisme, is vaak het gevolg van het simpelweg te veel informatie moeten verwerken. Als alles verwerkt moet worden is het hoofd al snel vol en overprikkeld. Dat is wat we bij autisme veel zien; een overprikkelt brein. En als er geen overzicht gemaakt kan worden in de brei aan informatie, zal het brein zichzelf uitschakelen. Dit kan betekenen dat iemand zich terugtrekt, letterlijk even rust aan het hoofd. Of heel moe wordt en gaat slapen. Soms zien we bij mensen met ernstig autisme dat dit uitschakelen gebeurt door een psychotische decompensatie. De psychose als vlucht voor overprikkeling. Een letterlijke uitschakeling van de mogelijkheid nieuwe informatie te verwerken en in plaats daarvan een eigen realiteit te creëren.


Waarom leg ik dit allemaal uit?

Het leert ons iets over hoe gemakkelijk wij eigenlijk informatie verwerken. Wij als neurotypische mensen hebben in de hele evolutie laten zien dat we een sociaal wezen zijn, gericht op overleven en gericht op samen met de groep overleven.

De wijze waarop ons brein werkt, is de informatie die binnenkomt zonder nadenken te onderscheiden op belangrijkheid. En elke keer blijkt dat veiligheid voorop staat, waardoor snel gereageerd kan worden op gevaar. Maar de sociale interactie; het kunnen afstemmen op de ander, weten hoe te reageren op de ander en kunnen inschatten wat de ander wil, is een even belangrijke vaardigheid. Een vaardigheid waarbij gesteld wordt dat die is aangeboren.


Sociale vaardigheden

Er is allerlei onderzoek wat aantoont dat baby’s al bovenmatige interesse vertonen voor gezichtsuitdrukkingen, dat jonge kinderen al sociaal spel spelen en dat de ongeschreven sociale regels al op heel jonge leeftijd onbewust worden geleerd. Deze sociale vaardigheid bepaald de mogelijkheid tot overleven. Sociaal sterk ontwikkelde mensen bereiken meer en hebben meer kans op voortplanting.

We zijn ons niet bewust dat we voortdurend onbewust signalen uit onze omgeving verwerken om te weten hoe we moeten reageren, handelen, denken en voelen. Hoe we af moeten stemmen op de buurvrouw in de klas. Hoe we het kuchje en de bewegingen van andere moeten interpreteren.

Wanneer informatie die de docent geeft belangrijk is en onze aandacht vraagt, of wanneer het niet erg is om even niet op te letten. We zijn ons zeker niet bewust hoe ons brein zich focust op de zintuigelijke prikkels en al helemaal niet hoe de prioriteit wordt gesteld welke prikkels te verwerken.

Ons brein is een goed geoliede sociale machine die precies weet waarop te focussen. Dat is in de hele evolutie zo ontwikkelt. De mens heeft zich door de eeuwen heen weten aan te passen aan de veranderende omgeving. En we zijn pas net één seconde gewend aan de digitale informatieverwerking. Waar mensen met autisme het, niet verbazingwekkend, heel erg goed doen.

Brein zoekt signalen

En dat is precies het probleem. Tijdens het online videobellen is ons brein naarstig op zoek naar die informatie die normaal gesproken altijd voor handen is. Nu is er enkel een gezicht te zien en misschien een deel van de schouders en een hand. Daarbij is de verbinding niet altijd goed, de signalen komen vertraagd binnen en het geluid loopt niet altijd synchroon met het beeld. Ineens is er enorme activiteit in het brein om alle signalen te kunnen scannen op belangrijkheid. Ineens reageren wij op dezelfde manier als die persoon met autisme die elke prikkel aan het verwerken is. Die elk signaal als belangrijk ziet, omdat het brein het moet doen met de beperkte signalen. Daarbij kijken we voortdurend in het gezicht van de ander, of in de gezichten van al die anderen, waar we dat in het dagelijkse leven helemaal niet doen. Ineens worden details in gezichtsuitdrukkingen zichtbaar en merk je dat je erop let.

Jezelf in beeld zien: niet goed voor focus

Ook zie je jezelf op het scherm, waar je voorheen nooit bewust was van je eigen voorkomen, heb je nu een voortdurende zelfreflectie in beeld. En reken maar dat het brein zich daarop focust, niets is belangrijker in de sociale interactie dan hoe je bij de ander overkomt.

 

Het effect van overprikkeling op de stress-respons-reactie

Er is nog zoveel meer over dit onderwerp te zeggen. Voor nu wil ik graag dieper ingaan op hoe de overprikkeling die je brein ondergaat effect heeft op je automatische stress-respons-reactie.

Iets niet kunnen begrijpen, ook al is dat onbewust, zet het stresssysteem in werking. Het brein is alert en gericht op signalen van gevaar. Het scannen van alle zintuiglijke informatie die met videobellen binnenkomt is voornamelijk gericht op het zoeken naar signalen hoe te denken, handelen, voelen. Daar is het brein op ingesteld. Dit gebeurt onbewust via de autonome processen van je brein, je zenuwstelsel en hormonaal stelsel.

Een overbelasting van deze systemen heeft grote effecten op je gemoedstoestand, je lichamelijke gesteldheid en de werking van je brein (met name de cognitieve functies). Je merkt vermoeidheid, verminderd concentratievermogen, geheugenproblemen en verminderde mogelijkheden tot creatief en oplossingsgericht denken. En als het brein overprikkeld raakt, dan schakelt het uit. Vermoeidheid is het ultieme redmiddel van het lichaam om weer te herstellen. Slapen geeft het brein rust. En dit lijkt dus verdacht veel op burn-out en andere stress-gerelateerde stoornissen. Alleen ontstaan de symptomen nu vele malen sneller.


7 tips tegen vermoeidheid bij overprikkeling

Deze extreme vermoeidheid is te voorkomen door jezelf een aantal regels te geven.

  1. Kijk niet te veel naar het scherm. Focus niet op de gezichten van de klasgenoten en/of de docent.
  2. Schakel de mogelijkheid in om je eigen beeld niet te hoeven zien. Zo let je niet ook nog eens op hoe je overkomt. Dit geeft veel meer rust.
  3. Ga niet multi-tasken achter de computer. Dit is nog meer informatie om te verwerken en zorgt voor meer stress en minder focus.
  4. Sta regelmatig op, loop een rondje, neem even afstand. Loop desnoods met enkel oortjes in door de ruimte en volg zo de les.
  5. Kijk regelmatig naar buiten. In de klas zit je ook vaak door het raam naar buiten te kijken. Even de blauwe lucht en de zon zien. Even een vergezicht op je netvlies.
  6. Las regelmatig pauzes in. Vraag de docent dat te doen, door in de chat aan te geven dat het niet meer gaat.
  7. Kortom, zorg voor een situatie waarin je zo min mogelijk prikkels te verwerken hebt. En dat gaat beter als je al uitgerust bent. Kom dus uitgerust en na een goede nachtrust de les in.


Heb jij tips om vermoeidheid en stress door videobellen tegen te gaan? Deel ze met elkaar in onze online community.

Voor nu, veel succes met videobellen en online lessen volgen. Dat we maar weer snel de bekende sociale omgeving kunnen creëren!

Monique Hendriks - Therapeut in de GGZ & docente Psychosociale Basiskennis

 

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief